Deeltoets 4 (examen) en eventueel de bijzonder manoeuvres.

Tijdens het echte praktijkexamen toetst de examinator van het CBR of je veilig en zelfstandig kunt rijden. En of je voldoende rekening houdt met andere weggebruikers. De examinator let onder andere op:

  • je beheersing van de auto

  • kijkgedrag

  • of je goed voorrang verleent

  • inhalen

  • in- en uitvoegen

  • rijden op kruispunten en rotondes

  • bijzonder manoeuvres

  • Heb je geen vrijstellen voor de manoeuvres moet je 2 productieve bijzondere manoeuvres uitvoeren (zie deeltoets 3). Hiervoor krijg je alleen een bedoelingsopdracht je moet dan beroep doen op je creatieve, inzicht en probleemoplossend vermogen. Je bent daarbij zelf verantwoordelijk voor je keuzes vooral wat betreft veiligheid, vlotheid en millieubewust gedrag.

    De productieve bijzondere manoeuvres zijn:

  • omkeeropdracht

  • parkeeropdracht: in een straat of op een parkeerplaats

  • stopopdracht: stoppen achter een geparkeerdvoertuig.


  • Omkeer opdracht

    Je maakt een de keuze uit: keren door middel van steken, het maken van een halve draai of het rijden van een bocht achteruit. Ook mag je gebruikmaken van een haaks parkeervak door voor- of achterwaarts het vak in te rijden en zo om te keren.

    Parkeeropdracht

    Nu mag je gebruikmaken van parkeren in file (voor- en achterwaarts) zowel aan de rechter- als de linkerzijde van de rijbaan, parkeren in een parkeervak (voor- en achterwaarts) zowel aan de rechter- als linkerzijde van de rijbaan. Het parkeren kan langs of op de rijbaan of op een parkeerplaats worden uitgevoerd.

    Stopopdracht

    Nu krijg je de opdracht om kort achter een ander voertuig te stoppen, zodanig dat aansluitend weer vooruit weggereden kan worden. Je bent dan zelf verantwoordelijk voor de keuze van een veilige uitvoering en gekozen plaats, de mate van vlotheid en een millieubewuste uitvoering.

    Verder kan steekproefsgewijs de hellingproef als aanvullende bijzondere manoeuvre worden gevraagd.